Koninklijk Concertgebouworkest
Koninklijk Concertgebouworkest

Beethoven Symfonie nr. 3

Eroica: Grote Mannen, Grote Gebeurtenissen

Dertien-en-een-half jaar was Oostenrijk in oorlog met Frankrijk, van 1793 tot 1815. De ene bittere nederlaag volgde op de andere, op slagvelden waarvan de namen voortleven als evenzovele bruggen, avenues, monumenten en metrostations in Parijs: Jena, Austerlitz, Marengo, Friedland, Wagram.

De aanvoerder van de Franse troepen was de kleine Corsicaanse parvenu Napoleon Bonaparte, een buitenstaander van hele gewone komaf. Niet door een adellijke titel of door geld, maar door zijn eigen wilskracht en zijn militair genie had hij zijn legers weten te inspireren met waarlijk revolutionaire gloed. Ook bij zijn tegenstanders werd hij gezien als de belichaming van de geest van de tijd, waarin het eeuwenoude systeem van rangen en standen en voorrechten op zijn kop stond en nieuwe, verlichte tijden leken aan te breken.

De geest van de Napoleontische revolutie begeesterde ook Ludwig van Beethoven. De legende wil dat hij zijn Derde symfonie, geschreven tussen 1802 en 1804, aan de Franse generaal wilde opdragen. Hij zou daar van hebben afgezien toen Napoleon de revolutie verraadde: hij kroonde zichzelf in Parijs tot keizer. Bovendien dreigde er opnieuw oorlog.

Photo Olga Scholten, 2014
Foto Olga Scholten, 2014
Raar en ruw

De nieuwe 'eigenaar' van de symfonie werd de Prins Lobkowitz, één van Beethovens meest royale beschermheren. De eerste opvoering van de symfonie gebeurde in december 1804 in Lobkowitz' paleis, in besloten kring. In februari 1805 kwamen er voor het eerst verhalen over de symfonie naar buiten. De muziekcriticus van de Allgemeine Musikalische Zeitung beschreef het werk als '… een stoutmoedige, wilde fantasie van ongekende lengte en extreme moeilijkheidsgraad voor de uitvoerders. Er is geen gebrek aan verrassende en mooie passages, waarin de kracht en het talent van de auteur duidelijk wordt, maar aan de andere kant verliest het stuk zich vaak in totale verwarring. [..] De schrijver dezes behoort tot Beethovens meest vurige bewonderaars, maar in het huidige werk vindt hij erg veel dat raar is, en ruw, waardoor de muziek buitengewoon moeilijk te begrijpen is, en de eenheid ervan bijna geheel wordt verduisterd.'

De eerste openbare uitvoering van Eroica vond plaats in Wenen op 7 april 1805. Beethoven zelf dirigeerde. De symfonie veroorzaakte een schok. Met haar vijftig minuten was ze liefst twee keer zo lang als een gemiddelde symfonie van Haydn of Mozart. De grote orkestbezetting, de enorme dramatiek, de heftige dissonanten, de veelvuldige ritmische verwarring die Beethoven zaaide - het ging zelfs de bewonderaars te ver.

Ethische betekenis

De historie wil dat Beethoven met zijn eerste drie symfonieën, maar met name met de Derde, de basis legde voor een hele nieuwe, romantische traditie. Sinds Beethoven is de schepper van de muziek als het ware een profeet, die zijn creaties vervult van ethische betekenis. Van een Haydn-symfonie gingen er dertien in een dozijn; Beethovens symfonieën doen allemaal een groot moreel appèl op de luisteraar. De kunstenaar is de nieuwe held van zijn tijd, en in die zin zijn alle symfonieën voortaan 'heroïsch'.

Dat de persoonlijkheid van Beethoven zo belangrijk werd geacht voor zijn werk is essentieel voor zijn tijd, de Romantiek. Bij Monteverdi, Bach, Telemann of zelfs Mozart leggen wij eigenlijk geen verband tussen de persoon van de componist en zijn muziek. Vanaf Beethoven is dat wezenlijk anders. Het idee dat muziek zuiver persoonlijke gevoelens en ideeën uitdrukt, het idee dat de kunstenaar anders is dan gewone mensen, dat hij in staat is om dingen te 'zien' die anderen niet zien, dat hij toegang heeft tot het sublieme, dat hij glimpen opvangt van het goddelijke - dat zijn allemaal ideeën uit de Romantiek. Ze beginnen bij Beethoven, en ze leven voort tot op de huidige dag, in de muziek van Chet Baker, Kurt Cobain en Jim Morrison. Zoals de criticus Bas van Putten schreef: 'Dit hoor je aan te voelen, zo hoor je te zijn. Dit gaat over ons, het is een kunst die aan de goede kant staat, muziek van een titaan die zinvol worstelt en komt bovendrijven.'

Koen Kleijn