Koninklijk Concertgebouworkest
Koninklijk Concertgebouworkest

Mozart aria's

Brutale lusten

De gewaagde, hilarische aria 'Madamina, il catalogo è questo' – 'Mevrouwtje, laat ik u even de lijst voorlezen…' – is een van de sprankelende hoogtepunten uit de opera Don Giovanni. Leporello, de trouwe dienaar, vertelt Donna Elvira dat ze bepaald niet de enige vrouw is, die het slachtoffer is geworden van de brutale lusten van zijn meester. 'Er waren dames en meisjes van alle leeftijden en alle sociale klassen,' zegt Leporello, 'keukenmeiden en baronessen, dikke en dunne, in vijf landen. Hij heeft ze allemaal geteld: er waren 640 veroveringen in Italië, 231 in Duitsland, 100 in Frankrijk, 91 in Turkije – maar de prijs gaat naar Spanje: 'Ma in Ispagna son già mille e tre': 1003.

De bewering dat Giacomo Casanova aan het libretto van Don Giovanni heeft meegewerkt, en op de één of andere manier model stond voor de hoofdfiguur werd het eerst gedaan in 1876, door Alfred Meissner in het boek Rococo Bilder. Meisner baseerde zich op aantekeningen van zijn grootvader, die professor en historicus was geweest in Praag, en een vertrouweling van de muzikanten die in 1787 de première in het Statentheater hadden gespeeld. In Praag was Casanova een oude vriend uit Venetië tegen het lijf gelopen, Lorenzo da Ponte, óók een libertijn, nu aan het werk als Mozarts librettist. Kennelijk bezochten de twee concerten in de Villa Bertramka, het verblijf van de mecenassen Josefina en František Dušek. Er wordt aangenomen dat Casanova daar de 31-jarige Mozart heeft leren kennen.

Geen bewijs

Er is geen hard bewijs dat Mozart of Da Ponte hun Don naar Casanova hebben gemodelleerd. Da Ponte was zelf een enorme avonturier. De schrijver Alfred Einstein, in het boek Mozart. His Character, His Work (1979), beschrijft Da Ponte's leven in Venetië:

'Hij wijdde zich aan zaken van literatuur en hofmakerij. Hij voelde zich in de modderige poelen van de corrupte Republiek als een vis in het water. (…) Drie jaar lang kon Da Ponte dat leventje voortzetten, totdat het schandaal, veroorzaakt door een affaire met een getrouwde vrouw, hem dwong haastig de benen te nemen. Hij werd voor 15 jaar uit Venetië (…) verbannen, op straffe van zeven jaar opsluiting in de kerker.'

Het is zeker mogelijk dat Mozart, die onder grote druk stond om de opera te voltooien, de hulp van 62-jarige Italiaan heeft ingeroepen, toen Da Ponte Praag had verlaten. Het is verleidelijk, zelfs – maar er is geen onwrikbaar bewijs voor. 
Toen de opera op 29 oktober in première ging zat Casanova in de zaal. Zoals Einstein schrijft: 'Onder de getuigen van deze eerste uitvoering was de oude Casanova, en het moet een rare ervaring voor hem zijn geweest, te luisteren naar de aria over de mille e tre, de duizend-en-drie; hoewel zijn verleidingskunsten gebaseerd waren op hele andere methoden dan die van Don Giovanni.'

Koen Kleijn